Voor een niet-geïsoleerde Nederlandse woning van vóór 1975 komen wij op grofweg
15% besparing op de stookkosten bij spouwmuurisolatie, 16% bij
dakisolatie, 10% bij zoldervloerisolatie en 6% bij vloerisolatie —
en op ongeveer 28% voor een licht pakket en 45 tot 50% voor een complete
aanpak. Dat zijn schattingen uit ons eigen rekenmodel, geen gemeten
waarden, en wij zetten de hele methode hieronder open op tafel zodat je hem met je eigen cijfers
kunt narekenen of afwijzen.
De belangrijkste uitkomst van dat model staat niet in de percentages maar in de rekenregel
eronder: besparingen tellen niet bij elkaar op. Wie 15% en 16% en 6% optelt tot 37%
rekent zichzelf rijk. Waarom, en wat het wél wordt, staat verderop.
Waarom wij geen bedrag in euro’s noemen dat voor iedereen geldt
Elk artikel dat “bespaar € 500 per jaar met vloerisolatie” belooft, verzwijgt drie dingen die per
huishouden sterk verschillen: je huidige verbruik, je stookgedrag en je energietarief. Twee identieke
tussenwoningen naast elkaar kunnen een factor twee schelen in gasverbruik, puur door
thermostaatgedrag en het aantal bewoners. Een besparingspercentage is daarom overdraagbaar, een
besparingsbedrag niet.
Wij geven daarom een percentage van je stookkosten, plus de rekenstap om er in
twee minuten je eigen bedrag van te maken. Voor de volledigheid: onze percentages zijn een
onderbouwde schatting op basis van de verhouding tussen warmteverliesvlakken en de werking van elke
maatregel — ze zijn niet gemeten in bewoonde woningen en niet ontleend aan een officiële
bron. Zie onze werkwijze.
Stap 1: waar de warmte weggaat
Elke besparingsberekening begint bij de vraag welk deel van je warmteverlies via welk vlak
verdwijnt. Voor een niet of nauwelijks geïsoleerde eengezinswoning van vóór 1975 houden wij deze
verdeling aan:
| Vlak | Aandeel in het warmteverlies | Waar het speelt |
|---|---|---|
| Muren en gevel | 25 – 30% | Grootste aaneengesloten koude oppervlak van de woning |
| Dak of zoldervloer | 20 – 30% | Warme lucht stijgt; het grootst bij een bewoonde bovenverdieping |
| Ramen en deuren | 15 – 20% | Sterk afhankelijk van enkel, oud dubbel of HR++-glas |
| Ventilatie en kieren | 15 – 20% | Onzichtbaar verlies; wordt relatief groter naarmate de rest beter wordt |
| Vloer en kruipruimte | 10 – 15% | Kleinste post, maar de meest voelbare |
Eigen inschatting op basis van de gebruikelijke verhoudingen tussen de oppervlakken en de
isolatiewaarde van bestaande bouwdelen. Geen meting, en per woning wijkt het af — een hoekwoning
verliest meer via de gevel, een appartement met bewoonde verdiepingen erboven vrijwel niets via het
dak.
Stap 2: hoeveel van dat verlies een maatregel wegneemt
Een maatregel haalt nooit honderd procent van het verlies via dat vlak weg. Er blijven
koudebruggen, randen, doorvoeren en de restwaarde van de constructie zelf. Onze aannames per
maatregel, en de besparing die daaruit volgt:
| Maatregel | Vlak | Deel van dat verlies dat verdwijnt | Besparing op de stookkosten | Wij rekenen met |
|---|---|---|---|---|
| Gevelisolatie (massieve muur) | Muren | circa 70% | 15 – 25% | 20% |
| Dakisolatie (bewoonde zolder) | Dak | circa 65% | 12 – 20% | 16% |
| Spouwmuurisolatie | Muren | circa 60% | 12 – 18% | 15% |
| Zoldervloerisolatie (onbewoonde zolder) | Dak/zolder | circa 55% | 7 – 13% | 10% |
| HR++-glas in plaats van enkel glas | Ramen | circa 60% | 7 – 15% | 10% |
| Wtw-ventilatie in plaats van natuurlijke afvoer | Ventilatie | circa 45%, netto | 5 – 12% | 8% |
| Vloerisolatie | Vloer | circa 55% | 4 – 9% | 6% |
| Bodemisolatie | Vloer | circa 35% | 2 – 6% | 4% |
| HR++-glas in plaats van oud dubbel glas | Ramen | circa 25% | 2 – 5% | 3% |
Eigen model, geen meting. De kolom “besparing” is het aandeel uit stap 1 vermenigvuldigd met
de verliesreductie uit deze tabel, afgerond. Bij wtw-ventilatie is het percentage netto: de
warmteterugwinning bespaart gas, de ventilatoren kosten stroom, en dat is er alvast van
afgetrokken.
Drie dingen die uit deze volgorde opvallen. Gevelisolatie levert het meeste op —
en is tegelijk veruit de duurste maatregel, wat hem in de rangorde van effect per euro juist
achteraan zet; zie welke isolatie doe je het eerst.
Vloerisolatie levert het minst op en is toch de maatregel waar bewoners achteraf het
meest over vertellen, omdat koudestraling en tocht langs de plinten verdwijnen — comfort dat in geen
enkel percentage past. En zoldervloerisolatie levert per geïnvesteerde euro het meeste
op: 10% besparing voor de laagste prijs per m² van alle maatregelen.
Wil je weten wat de maatregel met de hoogste besparing bij jou kost?
Een percentage wordt pas een beslissing als je de prijs ernaast legt.
Vraag vrijblijvend meerdere offertes aan voor de maatregel die je
overweegt. Wij voeren zelf geen isolatiewerk uit: we brengen je in contact met isolatiebedrijven en
ontvangen daarvoor een vergoeding — zie
hoe wij geld verdienen.
Stap 3: waarom je besparingen niet mag optellen
Dit is de rekenfout die op vrijwel elke vergelijkingssite staat. Na spouwmuurisolatie is je
warmteverlies met 15% gedaald — en de dakisolatie die daarna komt, werkt op wat er nog over
is, niet op de oorspronkelijke rekening. Elke volgende maatregel bespaart dus 16% van een kleiner
getal.
De juiste rekenwijze is vermenigvuldigen in plaats van optellen. Je houdt per maatregel over wat
er níét bespaard wordt, vermenigvuldigt die factoren, en trekt het resultaat van 1 af:
Totale besparing = 1 − (1 − a) × (1 − b) × (1 − c) …
Voor spouwmuur (15%), zoldervloer (10%) en vloer (6%) wordt dat:
1 − 0,85 × 0,90 × 0,94 = 1 − 0,72 = 28%. Optellen zou 31% hebben gegeven. Bij drie
lichte maatregelen is het verschil klein; bij een compleet pakket loopt het op tot meer dan tien
procentpunt.
Drie pakketten, doorgerekend
| Pakket | Maatregelen | Optelling (fout) | Werkelijke besparing |
|---|---|---|---|
| Licht — tussenwoning, lege spouw, onbewoonde zolder | Spouwmuur + zoldervloer + vloer | 31% | circa 28% |
| Middel — woning met bewoonde zolder | Spouwmuur + dak + vloer + wtw-ventilatie | 45% | circa 38% |
| Compleet — jaren 30-woning zonder spouw | Gevel + dak + bodem + HR++ i.p.v. enkel glas + wtw-ventilatie | 58% | circa 47% |
Berekend met de formule hierboven en de percentages uit stap 2. Eigen model; behandel de
uitkomsten als orde van grootte, niet als toezegging. Wat die pakketten aan subsidie opleveren staat
uitgerekend in een heel huis isoleren.
Er zit een grens aan wat isoleren alleen kan: ook na een complete aanpak blijft er ongeveer de
helft van je oorspronkelijke stookverbruik staan. Wie verder wil, komt uit bij het
verwarmingssysteem zelf — en juist daar is isoleren de voorwaarde, omdat een warmtepomp op lage
temperatuur alleen werkt in een woning die de warmte vasthoudt.
Stap 4: van percentage naar euro’s, met je eigen cijfers
Drie getallen en je hebt je eigen bedrag:
- Je gasverbruik per jaar in m³ — staat op je jaarafrekening.
- Het deel daarvan dat naar verwarming gaat. Trek er grofweg 15% af voor warm
water en koken. Dat is een vuistregel van ons, geen meting; bij een groot huishouden met veel
douchen ligt dat aandeel hoger. - Je gasprijs per m³ — óók van je afrekening, inclusief belastingen, want dat is
wat je werkelijk per m³ minder betaalt.
Besparing per jaar = verwarmingsverbruik (m³) × gasprijs (€/m³) × besparingspercentage.
Als voorbeeld rekenen wij met een referentiewoning van 1.200 m³ gas per jaar en
een aangenomen gasprijs van € 1,20 per m³. Allebei zijn het aannames om de
rekenwijze te laten zien — geen door ons gecontroleerd markttarief en geen gemiddelde waar je je
eigen situatie aan moet spiegelen. Verwarmingsdeel: 1.200 − 15% = 1.020 m³, oftewel circa € 1.224
aan stookkosten per jaar.
| Maatregel of pakket | Besparing | In de voorbeeldwoning, per jaar |
|---|---|---|
| Bodemisolatie | 4% | circa € 49 |
| Vloerisolatie | 6% | circa € 73 |
| Wtw-ventilatie | 8% | circa € 98 |
| Zoldervloerisolatie | 10% | circa € 122 |
| HR++ in plaats van enkel glas | 10% | circa € 122 |
| Spouwmuurisolatie | 15% | circa € 184 |
| Dakisolatie | 16% | circa € 196 |
| Gevelisolatie | 20% | circa € 245 |
| Licht pakket | 28% | circa € 343 |
| Middelpakket | 38% | circa € 465 |
| Compleet pakket | 47% | circa € 575 |
Rekenvoorbeeld met bewust gekozen aannames: 1.020 m³ verwarmingsverbruik en € 1,20 per m³.
Vul je eigen twee getallen in en de bedragen veranderen evenredig mee. Dit is geen voorspelling voor
jouw woning.
Doe die som ook met je eigen tarief van vorig jaar én van dit jaar. Je zult zien dat de
gasprijs het bedrag sterker beweegt dan de keuze van de maatregel — en dat is precies waarom wij
geen vast eurobedrag als kop boven dit artikel zetten. De terugverdientijd, dus het bedrag ná
subsidie gedeeld door de jaarlijkse besparing, reken je door met de
terugverdientijd-rekentool.
Vier dingen die de uitkomst omgooien
- Je stookgedrag. Wie de thermostaat op 18 graden had staan en na het isoleren
op 20 zet, ziet minder besparing en meer comfort. Dat is geen tegenvaller maar een keuze — en het
is de meest voorkomende reden dat de rekening minder daalt dan verwacht. - Het uitgangspunt. Alle percentages hierboven gelden voor een woning waar aan
dat vlak nog níéts is gedaan. Ligt er al 6 cm isolatie in het dak, dan is de winst van meer
isolatie een fractie van de 16% uit de tabel. - De uitvoering. Een strook van tien centimeter open langs de randen, een niet
geïsoleerd zolderluik of een koudebrug bij de dakkapel kosten onevenredig veel van het resultaat.
Hier is de kwaliteit van het bedrijf een grotere factor dan de keuze van het materiaal. - De ventilatie. Een luchtdichtere woning die niet beter gaat ventileren,
bespaart op papier meer en levert in de praktijk vocht- en schimmelklachten op. Zie
ventileren na isoleren en
schimmel door te goed isoleren.
Wat er nog bovenop komt
De energierekening is niet de enige opbrengst, en voor veel huishoudens niet eens de
belangrijkste:
- Comfort. Geen koude vloer, geen tocht, geen koudestraling van de gevel, en een
slaapkamer onder het dak die ’s zomers wél afkoelt. Dit is wat mensen achteraf het eerst
noemen. - Subsidie. De ISDE haalt een deel van de investering weg: € 5,25 per m² voor
spouwmuurisolatie, € 16,25 voor dakisolatie, € 20,25 voor gevelisolatie, € 4,00 voor
zoldervloerisolatie, € 5,50 voor vloerisolatie en € 3,00 voor bodemisolatie — allemaal verdubbeld
bij twee of meer isolatiemaatregelen binnen 24 maanden, plus € 400 voor een ventilatiemaatregel.
Zie isolatiesubsidie,
twee maatregelen, dubbele subsidie en de
ISDE-rekentool. - Energielabel en woningwaarde. Het label telt mee bij verkoop en bij de
hypotheekruimte van een koper — zie
energielabel verbeteren met isolatie. - Een kleinere warmtepomp. Isoleer je eerst, dan heb je later een kleiner en
goedkoper toestel nodig. Die besparing zit in geen enkele isolatieberekening.
Veelgestelde vragen
Zijn deze percentages gemeten?
Nee. Het zijn schattingen uit een eigen model: de verdeling van het warmteverlies uit stap 1 maal
de verliesreductie per maatregel uit stap 2. Wij zetten de methode erbij zodat je hem kunt narekenen
en met je eigen aannames kunt vervangen. Zodra wij over gemeten verbruiksgegevens vóór en ná
uitvoering beschikken, komen die hier te staan met de datum erbij.
Waarom is de besparing van een pakket lager dan de som van de delen?
Omdat elke maatregel werkt op het verlies dat er op dat moment nog is. Na de eerste maatregel is
dat verlies al kleiner geworden. Vermenigvuldigen wat er overblijft is de juiste rekenwijze;
optellen overschat de uitkomst met tien procentpunt of meer bij een compleet pakket.
Welke maatregel bespaart het meest per geïnvesteerde euro?
Bij een woning met een lege spouw vrijwel altijd spouwmuurisolatie, gevolgd door
zoldervloerisolatie: lage prijs per m², substantiële besparing, weinig overlast. Gevelisolatie
bespaart absoluut gezien het meest, maar kost per m² het meest. De volledige rangorde staat in
welke isolatie doe je het eerst.
Daalt mijn hele energierekening met dit percentage?
Nee, alleen het deel dat je aan gas voor verwarming besteedt. Vastrecht, netbeheerkosten, warm
water, koken en je stroomverbruik veranderen niet — en bij mechanische ventilatie of wtw komt er zelfs
een klein beetje stroomverbruik bij. Reken daarom met je stookkosten, niet met je totale rekening.
Hoe lang duurt het voordat isolatie zichzelf terugverdient?
Dat is de investering ná subsidie gedeeld door de jaarlijkse besparing. Omdat wij voor de meeste
maatregelen nog geen onderbouwde marktprijs in euro’s publiceren, geven wij hier geen vaste
terugverdientijd. Met je eigen offerte en je eigen jaarafrekening reken je hem uit met de
terugverdientijd-rekentool; voor de twee
maatregelen die wij wel volledig hebben uitgewerkt, zie
terugverdientijd van spouwmuurisolatie en
terugverdientijd van vloerisolatie.
Mijn woning is al deels geïsoleerd. Wat betekent dat?
Dat de percentages voor die vlakken sterk naar beneden bijgesteld moeten worden. Vervang in stap 2
de verliesreductie door het verschil tussen je huidige en je toekomstige situatie. Het loont dan
meestal meer om het vlak aan te pakken waar nog helemaal niets ligt.
Telt de besparing van isolatie mee voor het energielabel?
Het label kijkt niet naar je verbruik maar naar de eigenschappen van de woning: isolatiewaarden,
glas, installaties. Isoleren verbetert het label dus ongeacht je stookgedrag. Welke maatregelen het
zwaarst wegen staat in
energielabel verbeteren met isolatie.
Van percentage naar beslissing. Reken eerst je subsidie na met de
ISDE-rekentool, zet daarnaast je eigen besparing
uit stap 4, en vraag vrijblijvend meerdere offertes aan voor de
maatregel die eruit komt — pas dan weet je de derde en laatste variabele. Wij zijn geen
isolatiebedrijf: we brengen je in contact met bedrijven die het werk uitvoeren en ontvangen daarvoor
een vergoeding — zie hoe wij geld verdienen.
Over de auteur. Geschreven door de redactie van Isolando, een
onafhankelijke informatiesite over het isoleren van bestaande Nederlandse woningen. Wij zijn
geen isolatiebedrijf en hebben geen bouwkundig adviseur in dienst die deze
teksten toetst; wij zeggen dat liever expliciet dan dat wij een controle suggereren die niet bestaat.
De besparingspercentages in dit artikel zijn een eigen model met de aannames erbij, geen meting en
geen officiële bron — subsidiebedragen daarentegen halen wij rechtstreeks bij RVO, met de datum van
controle. Hoe wij aan onze cijfers komen staat in onze werkwijze. Klopt er
iets niet meer, of reken je onze aannames anders? Laat het ons weten via
contact.